Ja, zolang er op de dunner wordende plekken nog haar groeit. Een behandeling werkt op levende haarwortels, niet op kale plekken waar de wortel is gestopt. Hoe lang je al uitvalt is daarom minder belangrijk dan hoeveel er nog staat. De registratiestudies met finasteride liepen bij mannen tot 41 jaar en die met minoxidil tot 49 jaar; het Farmacotherapeutisch Kompas noemt als indicatie de vroege stadia. Wat na jaren wel verandert, is wat je mag verwachten: behouden, niet terugkrijgen.
Ja, een behandeling werkt ook na jaren haaruitval, zolang er op de dunner wordende plekken nog haar groeit. Een behandeling werkt op levende haarwortels. Een kale plek waar de wortels gestopt zijn, reageert niet meer, hoe kort of lang dat geleden is. De vraag is dus niet “hoe lang val ik al uit”, maar “hoeveel staat er nog”. Wat na jaren wel verandert, is de verwachting: behouden en dikker maken, niet terugkrijgen.
Waarom telt het aantal jaren minder dan je denkt?
Het aantal jaren telt minder omdat erfelijke haaruitval (androgenetische alopecia) per haarwortel verloopt, niet per kalender. Elke wortel wordt onder invloed van DHT (dihydrotestosteron) stap voor stap kleiner, totdat hij stopt. De ene wortel is na drie jaar al gestopt, de andere maakt na vijftien jaar nog een dunne haar.
De dermatoloog Whiting beschreef in 2001 dat dit kleiner worden in grote stappen gaat, en dat een levende wortel het “in één haarcyclus kan omkeren”, zoals klinisch en met weefselonderzoek was gezien bij mannen die op finasteride reageerden. Een wortel die volledig is gestopt, doet dat niet meer. De NHG-Behandelrichtlijn Alopecia beschrijft dat eindbeeld als “meestal geen zichtbare haarfollikels in kale gebieden”.
Twee mannen die allebei tien jaar uitvallen, kunnen dus heel verschillend staan. De een heeft een dunne kruin vol kleine haartjes, de ander een gladde plek. De eerste heeft iets te behouden, de tweede op die plek niet meer. Hoe dat proces in de wortel werkt, staat in Wat is miniaturisatie van het haar?.
Wat zeggen de studies over mannen die al langer uitvallen?
De studies zeggen dat mannen met een zichtbaar patroon nog reageren, en dat het effect over jaren blijft. De registratiestudies met finasteride 1 milligram (Kaufman en collega’s, 1998) namen 1.553 mannen van 18 tot 41 jaar op met een duidelijk zichtbare dunner wordende kruin, geen beginnende klachten. Na twee jaar telden de onderzoekers 138 haren meer per 5,1 vierkante centimeter dan met placebo, op een uitgangswaarde van 876. Bij de placebogroep ging de uitval gewoon door.
De vervolganalyse over vijf jaar (Kaufman en collega’s, 2008) keek naar de kans op verdere zichtbare uitval op foto’s. Die kans was met finasteride 93 procent lager dan met placebo. In de woorden van de auteurs: behandeling “leidde tot een duidelijke en aanhoudende afname van de kans op verdere zichtbare haaruitval”. Beide analyses zijn uitgevoerd door de fabrikant.
Voor minoxidil geldt hetzelfde beeld. De studie van Olsen en collega’s (2002) nam 393 mannen van 18 tot 49 jaar op; de 5 procent-oplossing gaf na 48 weken meer haren dan 2 procent en placebo. Ook daar ging het om mannen met een bestaand, zichtbaar patroon.
Tot welke leeftijd en welk stadium werkt het?
De studies geven een grens voor leeftijd en stadium, en die grens is ruimer dan veel mannen denken. Het Farmacotherapeutisch Kompas noemt als indicatie voor finasteride: “vroege stadia van androgene alopecia bij volwassen mannen tot en met 41 jaar”. Dat is geen biologische grens maar de grens van de registratiestudies. Boven de 41 is het mechanisme hetzelfde; de arts beoordeelt dan per persoon.
| Situatie | Wat er in de wortel gebeurt | Wat een behandeling nog kan | Wat niet meer kan |
|---|---|---|---|
| Dunner haar, nog geen zichtbare plek (Norwood 2 tot 3) | Wortels maken kleinere haren, bijna allemaal nog actief | Stoppen van de uitval; dunne haren weer dikker | Niets uitgesloten; dit is het stadium van de studies |
| Zichtbaar dunne kruin of inhammen, al jaren (Norwood 3 tot 4) | Mix van actieve, verkleinde en gestopte wortels | Behouden wat er staat; verdikking van de levende wortels | Gestopte wortels komen niet terug |
| Grote dunne zone met donshaartjes (Norwood 5) | Veel wortels maken alleen nog donshaar | Behoud van de rand en de resterende haren; donshaar kan dikker worden | Volle bedekking; een deel is weg |
| Gladde kale plek, geen haartjes (Norwood 6 tot 7) | Wortels zijn gestopt | Behoud van de hoefijzervormige rand | Haar op de kale plek; daar helpt alleen een transplantatie, en die lost de oorzaak niet op |
De stadia staan uitgelegd in Haaruitval op je 30e: waar sta je op de Norwood-schaal?. De indeling in de tabel is een vuistregel; de arts kijkt naar wat er op de hoofdhuid zelf te zien is.
Wat mag je na jaren uitval nog verwachten?
Je mag verwachten dat de uitval stopt en dat de haren die er staan dikker worden. Je mag niet verwachten dat een kale plek weer vol wordt. Dat is bij elke behandeling zo, ook bij de combinatie van finasteride en minoxidil die in de richtlijnen als sterkste geldt.
Een tijdlijn, afgeleid uit de studies en het Farmacotherapeutisch Kompas:
- Maand 1 tot 2. Soms extra uitval: oude haren vallen uit omdat wortels een nieuwe cyclus beginnen. Dat is geen teken dat het misgaat.
- Maand 3 tot 6. Het Farmacotherapeutisch Kompas schrijft dat stabilisatie van het haarverlies “verwacht kan worden na 3 tot 6 maanden”. Minder haar in de douche is vaak het eerste wat opvalt.
- Maand 6 tot 12. In de studies werd de toename in haartelling na 12 maanden gemeten. Dunne haren worden dikker; op foto’s wordt het zichtbaar.
- Jaar 2 en verder. Het effect blijft zolang je doorgaat. Stoppen betekent volgens het Farmacotherapeutisch Kompas dat het effect na 9 tot 12 maanden verdwenen is.
Wie al jaren uitvalt, heeft vaak jaren naar een achteruitgang gekeken. Stilstand voelt dan als niets. Daarom helpt het om met foto’s te werken en niet met de spiegel. Wat “behouden” in de praktijk betekent, staat in Kale plek op de kruin: komt dat nog terug?.
Wanneer is het echt te laat?
Het is te laat voor een plek zonder haartjes, niet voor een hoofd. Op een gladde plek zonder dons is de wortel weg. Daar brengt geen middel iets terug. Maar bijna niemand is overal gestopt. De rand, de zijkanten en de dunne zones rond de kale plek hebben nog levende wortels, en die lopen hetzelfde risico als de rest ooit liep.
Zo check je het zelf:
- Maak in daglicht een scherpe foto van de dunste plek, van dichtbij.
- Zoom in. Zie je korte, dunne haartjes op de plek, dan leven de wortels nog.
- Zie je een gladde huid zonder haartjes, dan is die plek weg. Kijk dan naar de rand eromheen: daar staat wat je kunt behouden.
- Vergelijk met een foto van een paar jaar terug. Gaat het nog steeds achteruit, dan is er nog iets dat tegengehouden kan worden.
Eerlijk is: wie eerder was begonnen, had meer gehad. Dat is de reden waarom de registratiestudies op jonge mannen mikten. Maar later beginnen is iets anders dan niet beginnen. Wat er na jaren uitval eventueel nog terugkomt, per stadium, staat in Kan haar terugkomen na kaal worden?. Welke behandelingen daarvoor in aanmerking komen, van medisch tot natuurlijk, staat in de vergelijking van de vijf behandelingen.
Veelgestelde vragen
Is het na tien jaar haaruitval te laat om te behandelen?
Niet per se. Het gaat niet om het aantal jaren maar om wat er nog groeit. Staan er op de kruin en bij de slapen nog haren, ook dunne, dan valt er iets te behouden. Een gladde, kale plek zonder haartjes reageert niet meer.
Tot welke leeftijd werkt finasteride?
De registratiestudies liepen bij mannen van 18 tot 41 jaar, en het Farmacotherapeutisch Kompas noemt als indicatie de vroege stadia van erfelijke haaruitval bij mannen tot en met 41 jaar. Oudere mannen vallen buiten die studies, niet buiten het mechanisme; de arts beoordeelt het per persoon.
Kan een haarwortel die jaren kleiner is geworden weer groter worden?
Volgens de dermatoloog Whiting kan een levende wortel binnen één haarcyclus weer een dikkere haar maken. Een wortel die volledig is gestopt, komt niet terug.
Wat mag ik na jaren uitval verwachten van een behandeling?
Vooral dat het stopt en dat wat er staat dikker wordt. In de 5-jaarsanalyse van de finasteridestudies was de kans op verdere zichtbare uitval 93 procent kleiner dan met placebo. Een kale plek wordt niet weer vol.
Bronnen
- Whiting DA (2001). Possible mechanisms of miniaturization during androgenetic alopecia or pattern hair loss. J Am Acad Dermatol.
- Kaufman KD et al. (1998). Finasteride in the treatment of men with androgenetic alopecia. J Am Acad Dermatol.
- Kaufman KD et al. (2008). Long-term treatment with finasteride 1 mg decreases the likelihood of developing further visible hair loss in men with androgenetic alopecia. Eur J Dermatol.
- Olsen EA et al. (2002). A randomized clinical trial of 5% topical minoxidil versus 2% topical minoxidil and placebo in the treatment of androgenetic alopecia in men. J Am Acad Dermatol.
- Farmacotherapeutisch Kompas: finasteride (bij alopecia)
- Nederlands Huisartsen Genootschap: NHG-Behandelrichtlijn Alopecia